Canadezen hebben andere kijk op armoede

Vlaamse volontairs blikken terug op zes jaar in Québec

Artikel geplaatst 8 februari 2013 Print Friendly

Canadezen hebben andere kijk op armoede

Een beetje heimwee naar Canada hebben ze wel, zeker nu ze net hoorden dat er vijftig centimeter sneeuw ligt in Montreal. Volontairs Bert Luyts en Marianne de Laat (allebei geboren in 1965) waren er zes jaar voor de Beweging ATD Vierde Wereld met hun dochters Jorinde (’94) en Jelena (’97). “De overgang van België naar Canada was moeilijk. De overgang nu naar Frankrijk is dat ook.”

In België volgde Bert onder meer het Collectief Partners van het Algemeen Verslag over de Armoede op. Marianne was de spil in de Vlaamse Volksuniversiteit. Na een missie in eigen land van 8 jaar kwam de vraag van de internationale leiding om naar Burkina Faso of Canada te gaan. Bert stond open voor beide mogelijkheden. Marianne en de dochters zagen Afrika niet zitten, Canada wel. “Jorinde, die toen 12 was, zag er erg tegenop, vooral ook omdat ze haar vriendinnen zou moeten missen. Jelena was 8 en tilde er veel minder zwaar aan. Eenmaal in Canada bleek juist dat Jorinde zich heel snel aanpaste, terwijl het Jelena veel moeite heeft gekost.” Muziek maken bleek een houvast. Wat ze in België al deden, bleven ze ook in Canada doen: harp (Jorinde), saxofoon (Jelena), dwarsfluit (Marianne) en koorzang (Bert).

Maar verder was er vooral veel werk, want ook in Canada leven veel mensen in grote armoede. ATD Vierde Wereld heeft er een tiental groepen in de overwegend Franstalige provincie Québec.
Bert: “Het eerste jaar bezochten we vooral de groepen en leerden we de mensen kennen. Het zijn vooral militanten, die zelf met armoede kampen, er zijn relatief minder medestanders bij de beweging betrokken dan hier. De afstanden zijn enorm. De verste groep is die in Rouyn-Noranda, 600 kilometer en 9 uur bus van Montreal.”


Volksuniversiteit van januari 2010 in Montreal. Thema: Vervoer, een belangrijke behoefte.

Grote betrokkenheid
“Na een jaar zijn we gestart met de Volksuniversiteit”, vertelt Marianne. “Die gaat inmiddels al zes jaar door en wordt nu opgevolgd door een andere volontair. Het is geen kleinigheidje voor mensen van ver om mee te doen. Toch komen er ook uit Rouyn-Noranda altijd twee vertegenwoordigers, met een nachtbus. Anderen doen 2 tot 4 uur bus om te komen. De betrokkenheid is groot.”
Bert verdeelde zijn tijd over verschillende taken: het jaarlijkse Festival van de Gedeelde Kennis in een wijk met veel armoede en uitsluiting in Montreal, het mee organiseren van de Werelddag van Verzet tegen Extreme Armoede, 17 oktober, in verschillende plaatsen en het opvolgen van het collectief van verenigingen dat in Québec opkomt tegen armoede, het ’Collectif pour un Québec sans pauvrete’. “De sociale voorzieningen in Canada zijn een stuk minder genereus dan in België of Frankrijk”, weet Bert. “Ook de mentaliteit is helemaal anders: terwijl we in Europa veel gemakkelijker praten over waar we recht op hebben, zal een Canadees het veel eerder hebben over ieders eigen verantwoordelijkheid om het beste van zichzelf te geven om zijn eigen situatie en daarmee die van de samenleving te verbeteren. Een discours over de mensenrechten slaat er minder goed aan. Hoewel Canada evengoed de Universele Verklaring van de Mensenrechten en andere verdragen heeft ondertekend.” Bij het werven van fondsen moest Bert ook rekening houden met die andere mentaliteit. In Canada krijgt ATD Vierde Wereld geen cent overheidssubsidie. “We zijn daar volkomen afhankelijk van giften van particulieren en stichtingen en van ondersteuning door de internationale beweging.”

Kruising van Kennis
Naast de Volksuniversiteit waren voor Marianne enkele projecten op het gebied van ‘Kruising van Kennis’ erg belangrijk. “Het gaat er hierbij om dat we universitaire kennis, praktijkkennis van onder meer sociaal werkers en dokters kruisen met de ervaringskennis van mensen in armoede. Deze vormen van kennis elkaar laten ontmoeten en bevruchten zodat het een gedeelde nieuwe kennis wordt, dat is wat we willen bereiken.” Heel concreet startte Marianne twee projecten op: één rond toegang tot tandzorg en één rond relaties tussen mensen in armoede en werkers in de eerstelijns gezondheidszorg. In één van de bijeenkomsten legden deelnemers aan de hand van foto’s aan elkaar uit wat volgens hen de barrières zijn tussen mensen in armoede en gezondheidswerkers. Elkaars visie beter begrijpen, leidt naar meer wederzijds begrip en inzicht, wat op termijn de relatie ten goede komt. Marianne volgt nu deze projecten verder op vanuit Frankrijk, waar zij onder meer deel uitmaakt van het team dat de acties op het gebied van Kruising van Kennis wereldwijd opvolgt.


Festival van gedeelde kennis in Montreal, juni 2011.

Voor Bert zijn de sterkste momenten in Canada vooral verbonden aan de jaarlijkse Festivals van de Gedeelde Kennis: “Kinderen, jongeren, ouders uit heel verschillende milieus die elkaar gedurende enkele dagen ontmoeten en samen creatief zijn, vrolijk zijn en elkaar beter leren kennen, dat zijn toch de evenementen waar je kracht uit kunt putten. Het is ook een evenement waarmee je jongeren warm kunt maken voor de acties van de Beweging.”

Niet eenvoudig
Inmiddels is Bert toegetreden tot het nationaal coördinatieteam van ATD Vierde Wereld Frankrijk. Dat team werkt samen met ruim 100 groepen in 15 regio’s. “Er zijn zeker meer dan 1000 mensen in actief. We proberen hun ervaringen en acties te volgen, via documenten en vooral ontmoetingen. Ook samen plannen en oriënteren is een belangrijk deel van de job, zeker nu, in deze periode van evaluatie en planning in de Beweging. ”


(vlnr) Jelena, Marianne, Jorinde en Bert: zomer 2012 in Bretagne.

Marianne verdeelt haar tijd tussen het team ‘Kruising van kennis’ en het project ‘Samen Werken en Leren’* in Noisy-le-Grand. Hierin staat het recht op werk centraal. Mensen in armoede en anderen (‘compagnons’) leren en werken samen in drie teams. Marianne zit in de kuisploeg. “Eerlijk gezegd is het in eerste instantie vooral een kwestie van leren samenwerken, want dat is echt niet eenvoudig als je zo verschillend bent,” zegt Marianne.
De familie Luyts-de Laat woont nu in Noisy-le-Grand, waar Joseph Wresinski eind jaren vijftig met militanten in een daklozenkamp de Beweging ATD Vierde Wereld begon. Nu heeft de Beweging er een opvangcentrum voor dakloze gezinnen met jonge kinderen en begeleidt er op die manier 35 gezinnen die een geschiedenis van grote armoede hebben. “Via werk en wonen dicht bij mensen in armoede staan is op dit moment een groot deel van mijn inzet als permanent werkster ”, vertelt Marianne. “Het is niet altijd gemakkelijk maar het is een enorme verrijking: het doet je nadenken over jezelf en over de samenleving waarin we leven...”.
De vrouwen van het gezin maken inmiddels weer muziek en Jorinde studeert politieke wetenschappen in Reims. Bert is nog op zoek naar een koor om zich bij aan te sluiten. En naar de vrije tijd die daarvoor nodig is...

Jos Delisse