Hoop voor Haïti ?

Persbericht van de Internationale Beweging ATD Vierde Wereld - 10 januari 2011

Artikel geplaatst 23 januari 2011 Print Friendly

Hoop voor Haïti ?

De aardbeving van 12 januari 2010 verwoestte Port-au-Prince en dompelde het Haïtiaanse volk opnieuw in diepe ellende en in een harde dagelijkse strijd om te overleven. De Internationale Beweging ATD Vierde Wereld is meer dan dertig jaar aanwezig in Haïti en algemeen secretaris Eugen Brand ziet na een jaar nog steeds weinig goede internationale samenwerking. Ook is een nieuwe manier van denken en doen om de situatie te verbeteren nog ver te zoeken.

Met Ricardo Seitenfus, vertegenwoordiger van de OAS[1], stelt ATD Vierde Wereld vast hoezeer in Haïti rampen en mislukkingen op het gebied van internationale samenwerking hand in hand gaan. De internationale hulp baseert zich te veel op projecten ontwikkeld door enkelen. Goed bedoeld, maar onvoldoende doordacht en vaak toch doortrokken van eigen economische belangen. De projecten sluiten niet aan bij de werkelijke noden en wensen van de bevolking, waardoor de ellende en de vernedering door blijven gaan.

Uitwisselingen moeten gebaseerd zijn op gelijkwaardige relaties en vertrekken vanuit de ervaringen en plannen van de mensen zelf, ook de armste en meest uitgesloten burgers. Dan pas kan het resultaat een succes worden voor iedereen.

"Autonomie, eerlijke handel en respect voor de anderen moeten de drijvende krachten vormen bij internationale betrekkingen", zegt Ricardo Seitenfus. ATD Vierde Wereld kan dit beamen met woorden en ervaringen van heel arme Haïtianen, uitgedrukt sinds 12 januari 2010.
Werkzaam in een geïsoleerde wijk van Port-au-Prince en op het platteland, kan ATD Vierde Wereld getuigen dat de mensen met waardigheid en solidariteit op de ramp reageerden. Heel snel al verwoordden zij hun ideeën en wensen over de wederopbouw van hun wijk, van hun land:
- De heropbouw zal alleen maar slagen als ze ontspruit aan een nieuwe manier van samenleven, meer sociaaleconomische rechtvaardigheid, een sterkere natie die bezorgd is over het lot van álle inwoners.
- We moeten vertrouwen op de jeugd en hun bereidheid om bij te dragen toejuichen en aanmoedigen. We mogen niet aanvaarden dat de jongeren ten onder gaan in zinloosheid en geweld.
- De Haïtianen willen wel samenwerken met andere landen, maar willen niet dat elders en door anderen over hun lot wordt beslist.

De woorden van deze jongeren en volwassenen, die in extreme armoede leven in Port-au-Prince, sluiten aan bij wat anderen elders in de wereld zeggen, die ook in zeer slechte omstandigheden leven.
Hoewel hun zorgen over hun directe noden en behoeften groot zijn, beseffen de Haïtianen dat er aan de toekomst moet worden gebouwd. Zij verwachten van ons dat we nieuwe, betere relaties met elkaar en met hen aanknopen. Ze verwachten dat we nieuwe wegen inslaan waar van het einddoel is: de verwezenlijking van de mensenrechten voor allen. Zodat iedere Haïtiaan waardig en vrij kan leven. Ambitieus ? Ja ! Het vergt een nieuwe manier van sámen denken en handelen om werkelijk antwoorden en oplossingen te vinden voor de uitdagingen op Haïti en in onze wereld.

Bron: [http://www.atd-quartmonde.org/Haiti-quel-espoir.html]

[1] Organisatie van Amerikaanse Staten