OPINIE: Pleegzorg

Artikel geplaatst 25 maart 2016 Print Friendly

Vanuit mijn engagement binnen ATD Vierde Wereld Vlaanderen ben ik de laatste 9 jaar op weg gegaan met ouders die in armoede leven. Sommige ouders hebben kinderen die uit huis geplaatst zijn, vaak in pleeggezinnen.
Kinderen opvoeden is nooit een gemakkelijke opdracht. Als je door de armoede voortdurend moet vechten tegen allerlei problemen (te weinig ruimte om te leven in je woning omdat je geen ruimere woning kunt betalen, de uitkering of je loon dat te laag is waardoor je een schuldenberg opbouwt, je schamen omwille van je situatie) dan brengt dit de nodige stress met zich mee. Deze stress ondermijnt je opvoederscapaciteiten. Professor Peter Adriaenssens legt in lezingen duidelijk de gevolgen van die stress voor het opvoeden van je kinderen uit. Ouders hebben dan steun nodig en vragen die ook. De laatste 10 jaar zijn er prachtige initiatieven ontstaan die ouders inderdaad sterker maken. Die initiatieven bestaan niet overal of zijn soms te beperkt in duur. Jammer genoeg zie ik ook dat niet alle hulpverleners over de nodige tijd beschikken om het vertrouwen te winnen van de ouders. Soms biedt men ook niet op de juiste manier ondersteuning. Vorige week organiseerde o.a. het kinderrechtencommissariaat een studiedag rond het decreet integrale jeugdzorg. Op vraag van het kinderrechtencommissariaat onderzocht Artevelde Hogeschool hoe dit decreet door ouders en jongeren ervaren wordt. Daar kwam duidelijk naar voor dat het hulpverleningsaanbod vaak geen antwoord is op de hulpvraag. Via Roppov (verenigt ouders die kinderen hebben die geplaatst zijn), kwamen ook enkele ouders aan het woord die dit probleem ook aankaartten.
Gevolg hiervan is dat kinderen uit huis geplaatst worden. Waar kan een kind beter opgroeien dan in een warm nest? Dit bieden pleegouders. Ik heb veel respect voor dit engagement. Allen merk ik dat de kans dat de biologische ouders nog een plaats krijgen, iets voor hun kinderen kunnen betekenen binnen deze hulp heel klein is. Het is niet omdat je kinderen uit huis geplaatst zijn dat je er geen band meer mee hebt, dat je niet dagelijks aan hen denkt. Als je kind in een instelling verblijft, krijg je als ouder meer kansen om de band te onderhouden en om inspraak te hebben in de opvoeding van je kind. Hoewel iedere plaatsing in duur beperkt moet zijn en een terugkeer naar de ouders geviseerd moet worden, stel ik vast dat plaatsingen binnen pleeggezinnen van lange duur zijn. Het is voor ouders heel moeilijk om binnen die hulpverlening de band met hun kind te behouden. Soms bestaat het bezoekrecht slechts uit 2 uur tweewekelijks of maandelijks. Meestal zijn ouders die in armoede leven aangewezen op het openbaar vervoer. Ook al woont je kind slechts 20 km van je, dan heb je soms op zaterdag of zondag meer dan 2 uur nodig –enkele rit -om er naar toe te reizen om je kind maximum 2 uur te zien. Op de verjaardag van je kind mag je niet altijd langs gaan, want dit valt niet op de bezoekdagen.
Het pleit voor de pleegouders dat ze zich hechten aan het kind dat bij hen thuis inwoont en er heel goed voor willen zorgen. Maar ook de biologische ouders zijn aan hun zoon/dochter gehecht en wilden er goed voor zorgen, een warm nest bieden. Diverse omstandigheden verhinderden dit. Welke kansen krijgen zij nog om de band met hun kind verder uit te bouwen? Die ouders ervaren te vaak dat hun plaats als ouder binnen pleegzorg er niet meer is. Ik deel dan ook de zorg van de kinderrechtencommissaris dat door dit wetsvoorstel minder het verschil tussen adoptie en pleegzorg duidelijk wordt. Pleegouders komen op de tweede plaats. Vanuit mijn nabij zijn bij ouders, die kinderen hebben die bij een pleeggezin wonen, durf ik de terechte vraag te stellen: "En de ouders: op welke plaats komen zij?” Ze willen b.v. ook graag naar het schoolfeest van hun kind om van zijn optreden te genieten, maar weten niet naar welke school hun kind gaat. Dat ze meebepalen welke haarsnit hun kind heeft, of welke kledij hij/zij draagt, heb ik van geen enkele ouder gehoord. Misschien geldt dit voor ouders uit de middenklasse maar zeker niet voor ouders die in armoede leven. Ik hoor enkel van ouders dat ze soms hun “krabbel" mogen zetten onder papieren zodat inderdaad hun kind op vakantie kan gaan,… Ik noem dit geen instemming of rechten geven aan de ouders. Het zou mooi zijn indien het voorstel van Bruno Vanobbergen om een ouderschapsplan op te stellen er daadwerkelijk komt. Durven we het aan om naast een statuut aan de pleegouders te geven ook meer plaats te geven aan de biologische ouders? Zijn er ook mensen bereid om het biologische gezin te ondersteunen als het even niet gaat? De kinderen kunnen dan bij jou enkele dagen logeren b.v. als de nood te hoog is. We spreken dan niet over pleegouders, maar steungezinnen. Het centrum Kauwenberg te Antwerpen had in de jaren ’90 een project daarrond. Het liet toe dat kinderen bij hun gezin konden opgroeien. Gebrek aan kandidaat steungezinnen zorgde ervoor dat het project een stille dood stierf. Zou het niet meer kansen bieden aan kinderen en hun oorspronkelijk gezin als ook het engagement van steungezinnen gepromoot wordt.

 

Marijke Decuypere
Coordinator ATD Vierde Wereld Vlaanderen.