’Ons dagelijks leven verbinden met Haïti’

Oproep Eugen Brand, algemeen secretaris ATD Vierde Wereld

Artikel geplaatst 21 januari 2010 Print Friendly

'Ons dagelijks leven verbinden met Haïti'

Engelstalig - Franstalig

In Port-au-Prince, Haïti slaapt het team van ATD Vierde Wereld nu sinds 8 nachten op een terrein achter het Vierde Wereldhuis, samen met zo’n honderd mensen uit de omgeving.

Sinds het nieuws van de aardbeving zijn leden van ATD Vierde Wereld op alle continenten vaak gestopt met waarmee ze bezig waren om samen te komen, om niet alleen te zijn met de zorgen, niet wetende wat er geworden is van de gezinnen die in extreme armoede leven, van onze volontairs en vrienden.

Onze vrienden in Haïti vertellen ons: “’s Nachts huilen we en beven we van angst, we bidden en we zingen en verzamelen kracht voor de volgende dag om weer verder te zoeken naar degenen waar we nog niets van hoorden, samen, in het aangezicht van de dood.”

Toekomst
’s Nachts wordt moed en kracht verzameld om verder te gaan, ondanks het gebrek aan voedsel en drinkwater. Het is ook de tijd dat soms voorzichtig wordt nagedacht over wat we uit dit ontredderde heden mee kunnen nemen om de toekomst mee op te bouwen. Het team maakt nu al plannen om het programma voor de jongste kinderen, ’Bébés Bienvenus’ (En) ofwel Baby’s Welkom, voort te zetten, omdat de jongste kinderen het kwetsbaarst zijn.

“We hopen dat wat we nu meemaken niet alleen een tragedie is, maar ook een beproeving die ons dichter bij elkaar brengt”, zei Jacqueline Plaisir, volontair van ATD Vierde Wereld in Port-au-Prince. “We schrijven allemaal aan dezelfde bladzijde van de geschiedenis.”

En wij ?

Hoe kunnen we voorkomen dat we bedolven raken onder de lawine van beelden en nieuws ? De media getuigen van een dynamische internationale solidariteit; toch bestaat het risico dat deze solidariteit vrijblijvend en zinloos zullen blijken in deze oceaan van lijden, van levend begraven mensen, van verwoesting – tenzij het wordt gelinkt aan de solidariteit die oprijst uit het diepste hart van Haïti zelf, uit haar geschiedenis, uit haar ziel. Oprijst vanuit de handen van haar eigen mensen, hun moed, hun geest, hun geloof.

Op veel plekken daar, staan gezinnen die in grote armoede leven er helemaal alleen voor. Ze weten dat ze zichzelf moeten zien te redden, omdat niemand anders het zal doen. De Haitiaanse schrijver Dany Laferrière zei in een interview: “Wat deze stad na de aardbeving heeft gered is de inzet van de armste mensen. Dankzij hen bestaat Port-au-Prince nog.”

Zoeken
Hoe kunnen we elkaar helpen om verbonden te zijn in de geest van wat Joseph Wresinki, stichter van ATD Vierde Wereld, eens schreef: “Mensen die in grote armoede leven vragen ons niet om onze vooruitgang te vertragen, in tegendeel, ze sporen ons juist aan om sneller en verder te gaan, om een bredere visie te hebben en ambitieuzer te zijn.”

Hoe kunnen we vandaag wereldwijd verbonden zijn in een beweging, waarin Haïti ons leidt naar de diepere zin van de woorden van Wresinski op alle plaatsen waar we een engagement aangaan en actie ondernemen?

Het is dit zoeken waarvoor we ruimte moeten maken in ons dagelijks leven en werken en in wat we in het openbaar zeggen. Het is dit zoeken dat de beweging ATD Vierde Wereld zal veranderen.

Onze dagelijkse levens verbinden met Haïti is tonen dat er overal evenveel op het spel staat, waar we ook zijn. Als Beweging willen we geen indelingen maken in termen van ’ernstiger’ of ’dringender’. Op alle continenten worden we geconfronteerd met extreme armoede als oorzaak van ’onrecht en geweld in verschillende verschijningsvormen.’ [1] (En).

Als Haïti lijdt, lijdt de wereld.
Als Haïti vooruit gaat, gaat de wereld vooruit.
We zijn één mensheid, een mensheid die onderweg is.

Eugen Brand,
Algemeen secretaris

[1Ricarl Pierre-Louis, speaking in the Republic of Mauritius in December 2009 at an international seminar, "Renewing our knowledge and understanding of the social, institutional and historic forms of violence that create and worsen extreme poverty."